Nachtelijke gedachtengangen
29 feb - mark
Het is weer eens zover. Zittend op mijn kamer, die weer eens nodig opgeruimd moet worden, zit ik voor me uit te staren. Volle asbak, klassieke muziek (even geen idee wat, in iedergeval iets uit de Romantiek, klinkt als iets van Mahler), waxinelichtje van de theepot die langzaam dooft, pak melk dat ook leeg op de vensterbank staat, en een hoofd vol met gedachten.
Dingen die ik in de planning heb staan voor de komende tijd, belangrijk en minder belangrijk. Dingen die gebeurd zijn de afgelopen paar weken en dingen die ik daardoor gemist heb. Twijfel over wat ik al dan niet beter of anders had moeten doen. Een aantal grote waarom vragen. Voorbeeld: "Waarom loop ik 1,5 jaar rond als vrijgezel, heb ik daar absoluut geen moeite mee, kom toch opeens iemand tegen, geniet ervan, maar wordt na een paar weken weer terug geplaatst in het vrijgezelle bestaan?" Ander voorbeeld: "Waarom loop ik rond op deze aardbol? Of anders, wat is mijn reden van bestaan? Word ik herinnerd als ik kom te overlijden? En mocht het rare geval zich voordoen dat ik herinnerd word, hoe zal men zich mij dan herinneren?"
En naast nog en aantal standaard onbeantwoordde vragen, zit er een zekere onrust in mijn hoofd. Ik heb geen idee wat het is, maar ik ben niet te harden. Ik zit mezelf in de weg, en ben gigantisch onrustig. Eén of ander gevoel dat zegt dat er iets staat te gebeuren in mijn leven, maar ik kan er geen vat op krijgen. Ik heb geen idee wat het kan zijn. Maar het maakt me gigantisch onrustig. En alsof dit alles nog niet genoeg is. Ik zweef weer.
4 reacties
"Strontkleur"
28 feb - mark
"Strontkleur, hey strontkleur, ik heb het tegen jou ja, strontkleur!"
Dit riep een prototype etterbakkie tegen een negroïde jongen, die hij al een tijdje zat uit te dagen.
En hetzelfde etterbakje snapte maar niet waarom ik hem het bad uit stuurde. Ow wacht, een kleine correctie. Bij kop en staar heb gepakt en toen het zwembad heb uitgetild, omdat hij ook nog de badmeester uitmaakte voor 'vuile homo' terwijl hij weigerde het bad te verlaten.
4 reacties
Later als ik groot ben...
26 feb - liesette
Er is een lijstje in mijn hoofd welke ik ooit heb opgesteld tijdens de middelbare school tijd. Alle dingen die ik ooit zou doen als ik eenmaal student was: een one-night stand; dansen tot zonsopkomst; backpacken in een ander werelddeel; een bestuursjaar; studeren in het buitenland. Van deze en en van meer dingen zat ik toen te dromen. Nu ik bijna student af ben is het tijd om de balans op te maken. Vrijwel alles kan afgestreept worden; behalve een. Twee keer op wintersport in een jaar. Maar vanmiddag opnieuw geboekt. Na Tignes in januari sta ik over 10 dagen in de sneeuw in Risoul!!!
1 reactie
Foto's
26 feb - mark
Als we nog eens ergens politieke steun aan gaan geven en geen militaire steun. Laat de Tweede Kamer dan eerst even hier naar kijken. Misschien bedenken ze zich dan nog eens over het al dan niet geven van welke vorm van steun dan ook. Ja ik heb het over de tweede golfoorlog. Ja ik weet dat we daar niets of weinig meer over horen. Maar dat een oorlog uit het nieuws is betekend nog niet dat deze er niet is. Er zijn op dit moment verschillende oorlogen gaande waar de gemiddelde nederlander niets of weinig vanaf weet. Gewoon omdat het niet op het journaal komt, of in de krant staat. En waarom niet? Och misschien omdat de oorlog te lang duurt. Misschien omdat dood en verderf niet interessant is. Of is het omdat het geen kijkcijfers oplevert. En levert het geen kijkcijfers op, is het te duur. En is het te duur, dan schrappen we het maar.
Bovenstaande linkje levert waarschijnlijk ook geen kijkcijfers op, omdat het misschien te schokkend is. Vergeef me, ik begin me weer op te winden over het leed van de wereld en de totale onverschilligheid die de rest van de wereld daarbij schijnt te hebben.
reacties
Badmeester en Barman
25 feb - mark
Vorige week vrijdag begin van de avond
"Ok jongens, jullie weten wat er vorig jaar gebeurd is. Toen had één van jullie vriendjes een mes op zak en die mag nu dus nooit meer ons sportcentrum binnen. Dus bij deze wil ik een afspraak met jullie maken. Als mannen onder elkaar, zonder het gezeur van een baas of politie, gewoon een handdruk en jullie woord erop, Manno O Manno: "Jullie maken geen trammelant de komende paar dagen. Als er wat is komen jullie naar mij toe, geen ongein dit jaar."
"Is goed Mark"
Een handdruk volgde tussen mij en acht, elf tot vijftien jarige, jochies en een enkele dame.
--------------------------
Nog geen 3 uur later, het feest zou nog een uurtje duren.
1) "Ik dacht dat we een afspraak hadden en nu heb ik hier een vlindermes in mijn handen. Blijf maar zitten, ik ga een toegangsverbod voor je regelen."
2) "Yo, R. vlug nu mee naar buiten er gaat wat gebeuren. Er staat een ploeg van een kleine 20 schoffies voor de deur iemand op te wachten. Ja roep T. en J. ook maar even, ik loop vast met W."
3) "Hmm, daar wordt ook gedealt, dat jochie is *gvd* nog geen 13."
4) "Ok en nou maken dat je wegkomt"
- "Wat wil je doen dan."
- "Jou nu die deur uitgooien."
- "Haha, kom maar op dan, één kopstoot en je ligt op de grond."
- "Dan zul je toch eerst een halve meter moeten groeien, en trouwens eer je bij me bent lig jij gevloerd."
- "Ow, dacht je dat?" Poging tot uithaal
- Draai weg, grijp, werp, boem "Nee, dat weet ik, en nu mee naar kantoor, je toegangsverbod komt eraan."
5) "Goedenavond meneer de agent. Ja, toen u aan kwam rijden vluchtte de groep uit elkaar. Die en die hebben inmiddels een toegangsverbod gekregen. Die had een mes bij zich, en daar werd ook nog gedealt. Ja, ik weet dat wij buiten onze deur niets mogen doen, daar bent u voor. Daarom hebben we u ook gebeld. Nee, verder is er niets gebeurd, we hebben er alleen binnen eentje moeten vloeren nadat hij me een slag wilde verkopen. Ja hij heeft nu inderdaad een toegangsverbod gekregen. Ow u kent hem, mooi, dat is handig. Ja ik hoop dat we het de komende paar dagen wat rustiger krijgen."
---------------------------------------
Een klein voorbeeldje hoe mijn eerste avond carnaval begon, met een jeugd-avond. Leuk klein feestje, maar ik heb de helft van de tijd door de gang gelopen, de uitgang in de gaten gehouden, en quasi nonchalant buiten een sigaret gerookt, om ervoor te zorgen dat er buiten voor de ingang niets gebeurde.
Nee, ik ben geen uitsmijter, ik ben badmeester en barman.
reacties
Onverwacht
23 feb - rogier
In de afdeling onverwachte, maar o zo leuke plannen: Ik ben nu naar Groningen toe, een bakkie doen bij Judith. Als jij ook thuis bent Liesette, dan bel je maar even!
Update: Ik heb nog niet op enter gedrukt of Liesette belt al op. Twee Bakkies!
3 reacties
Tijdmachine deel XIII
23 feb - mark
Het was zijn vader, zeg ik, als ik Mara naar het grote schilderij tegenover ons zie staren. Ja dat weet ik, eenzelfde soort schilderij hangt ook bij ons op Zweinstein. Ik heb het ooit op het kantoor van Heer Wayra zien hangen. Het zwaaide toen naar me.
Ik kijk haar even vragend aan, maar bedenk me dan dat we het wel over Zweinstein hebben. Ik heb niet voor niets de Harry Potter boeken gelezen, dus dan moet ik weten dat de schilderijen en fotos leven.
Ik duw Mara half van me af, half terug op de leuning, zodat ik op kan staan. Zodra ik sta en me omdraai zie ik dat de kamer al leeg is, behalve Heer Toro en Madam Lina, die in de andere hoek van de kamer zitten te praten. Ik loop nog even naar buiten voor wat frisse lucht, voordat ik ga slapen, begin ik tegen Mara: loop je mee? Tuurlijk, lacht ze en staat op van haar stoel. Hoho, wacht heel even waar gaan jullie heen?, klinkt het achter ons. Heer Toro staat op en loopt op ons af. Ehm naar buiten?, antwoord ik. Sorry maar het is eigenlijk niet de bedoeling dat jullie s avonds laat nog naar buiten lopen. Ja, maar het is alleen maar voor een frisse neus. Niets bijzonders, en we zullen op het bordes blijven., leg ik uit met mijn aller vriendelijkste blik. Ach Toro, laat ze toch even naar buiten, er gebeurt heus niets., klinkt de stem van Madam Lina. Ja maar je weet wat Wayra gezegd heeft, over wat er de afgelopen paar nachten is gebeurd., antwoord Heer Toro, terwijl de blik in zijn ogen verraad dat hij dit eigenlijk niet had willen zeggen in ons bijzijn. Nou schiet op, waarom zijn jullie nog niet buiten dan?, klikt het enigszins nors.
Als ik de buitendeur open, komt een heldere sterrenhemel ons tegemoet. Het is kraakhelder buiten en ik ben de tijdmachine dankbaar dat hij me naar een tijd heeft gebracht waar lantaarnpalen nog niet bestonden. Het enige tegenlicht, komt van het enkele raam van het kasteel waarachter nog licht brand. Voor de rest is het alleen maar de maan, de sterren en nog meer sterren. Ik loop de trap af naar de binnenplaats en leg mijn hoofd zover mogelijk in mijn nek. Dit is één van de weinige momenten dat ik me niet lang voel, maar juist ongelooflijk klein., vertel ik Mara die lachtent op me af komt lopen. Is dat zo? vraagt ze terwijl ze twee armen om mijn middel vouwt en tegelijkertijd: Sorry, maar ik heb het koud. Och geeft niet., grijns ik terug en draai me om en wikkel mijn mantel nog half om haar heen. Ik staar weer naar boven en zie nog net een zwart iets naar beneden vallen.
Ik grijp Mara vast en duik opzij. Met een knal landt een groot stuk steen naast ons neer. Ik rol van Mara af en met zn tweeën gapen we naar boven. Op het terras van de vierde verdieping, staat de gemantelde figuur weer met opgeheven staf, verlicht door door de sterrenhemel. Rond de toren vliegen nu twee dingen. De eerste schiet weer een groene lichtflits af die vlak boven het terras uit elkaar spat. Het tweede vliegende ding doet het zelfde en ook deze lichtstraal ketst af. Met dat deze afketst is een soort van half rond schild zichtbaar, maar wordt ook meteen weer onzichtbaar na de explosie. De gemantelde figuur heft zijn staf weer en schiet een gele lichtbal af naar een van de vliegende objecten. Deze ontwijkt de lichtbal die doorschiet richting sterrenhemel. Een tweede lichtbal komt van het terras af en ontploft vlak bij één van de vliegende dingen, door het licht dat er ontstaat zie ik iets dat lijkt op een persoon die vliegt op, naar alle waarschijnlijkheid, en bezem. Wie zijn dat?, fluister ik naar Mara. Geen idee, misschien volgelingen van Heer Loku?, antwoord ze, maar haar antwoord klinkt niet heel erg overtuigend. Ondertussen schieten er twee groene lichtstralen naar het terras toe. Eentje mist doel, maar de andere suist door naar beneden en spat op het terras uit elkaar. Wederom valt er een stuk steen naar beneden. Gelukkig voor ons, aan de andere kant van de toren. Op hetzelfde moment stormt heer Toro naar buiten. Ik heb jullie toch gewaarschuwd. Vlug naar binnen jullie. En hij grijpt Mara bij haar hand en sleurt haar mee de trap op naar binnen. Ik ren erachteraan. En nu naar boven en ga slapen. Nee, ik ga niets uitleggen. Vergeet wat jullie gezien hebben. En heb het er vooral met niemand over.
Kom, zegt Madam Lina: Ik zal met jullie meelopen naar boven. En ze leidt ons vriendelijk de trappen op naar de slaapzaal. Sorry dat jullie dit moesten meemaken, ik had jullie niet naar buiten moeten laten gaan. Maar ga nu alsjeblieft slapen. Jullie krijgen hier binnenkort een verklaring voor. Of eigenlijk Mara en ik kijken haar vragend en verbaasd aan. Goed, misschien hebben jullie het al geraden, maar dat waren volgelingen van Heer Loku. Zij zijn er op de één of andere manier achter gekomen dat het Gezelschap van het Kollumsoord voor Magie en Schone Kunsten weer bij elkaar is gekomen. Hier in ditzelfde kasteel. En zij zijn al enkele dagen bezig om ons van ons werk af te houden. Maar wie stond er dan boven op het terras?, vraagt Mara. Heer Wayra lieverd, maar ga nu maar gauw slapen, binnenkort praten we verder.
Als we de slaapkamer oplopen, lopen we meteen door naar het grote raam. Helaas is er niets meer te zien, afgezien van een heldere sterrenhemel die een grote toren verlicht
3 reacties
Tijdmachine deel XII
20 feb - mark
Als ik beneden in de gemeenschappelijke ruimte aan kom, zit het merendeel van de mensen gezellig te keuvelen. Een enkeling ligt lui op de bank naar boven te staren en in een hoek van de kamer zie ik dat Madam Lina met Monique de andere studente van Beauxbatons samen over een schaakspel zitten gebogen. Ik loop richting de tafel met thee en aanverwante dranken. Schenk daar een mok thee voor mezelf in, grijp een stuk kaas en wandel rustig richting het schaakspel. Madam Lina zit tevreden, maar wel vriendelijk, lachend achterover in haar stoel. Tegenover haar zit Monique wat minder lachend naar het schaakbord te staren. Ze haalt eens een hand door haar haar, zucht een keertje en gaat nog eens verzitten. Als ik naar het bord kijk zie ik dat ze er niet heel erg denderend voor staat. Ze mist de meeste van haar grote stukken op een paard en een toren na. Terwijl Madam Lina haar schaak heeft staan d.m.v. haar koningin en paard. Ik blijf rustig op een afstandje staan en besluit dat Monique eigenlijk al verslagen is. Ze zou het spelletje nog met een paar zetten kunnen rekken, maar verliezen zal ze en echt blij is ze er niet mee.
Ik besluit het einde van het spel niet af te wachten maar loop richting een fauteuil waar ik heerlijk in wegkruip. Voor me staat een klein bijzet tafeltje met daar omheen nog twee dezelfde stoelen als waar ik op zit. Leeg gelukkig., denk ik, terwijl ik in alle rust aan het stuk kaas knabbel. De stoel waar ik op plaats heb genomen kijkt uit op een muur waar een groot schilderij aan hangt. Het beeld op het schilderij is van een tovenaar met een grote grijze baard en snor, in een mooie donker paarse mantel. Hij lijkt ergens gelukkig mee te zijn en op de achtergrond staat een kasteel afgebeeld dat erg veel lijkt op datgene waar wij ons nu ook in bevinden. Ik vraag me even af wie deze man is en neem een slok van mijn thee.
Die man was mijn vader, zegt een zachte stem achter me. Ik kijk op en zie Heer Wayra achter me staan. Vind je het erg als ik er even bij kom zitten? Ik knik van niet en hij neemt rustig plaats in de stoel links van me. Ik staar nog even naar het schilderij en voor vijf minuten wisselen we geen woorden. Hij was mijn vader, begint Heer Wayra, terwijl ook hij naar het schilderij staart. Wat later vraag ik: En hij was degene die Heer Loku heeft versteend? Ja, is het antwoord: Hij is degene die de laatste spreuk heeft uitgesproken. En hij is ook degene die het Kollumsoord heeft opgericht, de 5 andere leraren heeft ingeschakeld en ervoor heeft gezorgd dat zij ieders twee leerlingen mee hebben genomen. Ik kijk nog eens naar het schilderij en besef me dat hij inderdaad dezelfde ogen heeft als Heer Wayra, donker en een bezorgde blik, maar wel vriendelijk.
Mag ik u wat vragen? Hij kijkt me aan en knikt bevestigend. U weet dat ik vanuit de toekomst hierheen ben gekomen, of niet? Ja, inderdaad, en ik weet ook dat je jezelf de eeuwige waarom-vraag stelt. En ik zal daar ook gelijk een antwoord geven. Waarschijnlijk zul je er niet tevreden mee zijn, maar voor nu kan ik niet anders. Maar de reden waarom je hier bent is dezelfde als voor de rest van de groep. Meer kan ik er nu niet over zeggen. Ik kijk hem nogal verbaasd en ontevreden aan. Maar tegelijkertijd snap ik zijn antwoord. Veel van hetgeen me vandaag en gisteren is overkomen, staat al ver boven hetgeen wat ik ooit had kunnen verzinnen en komt me allemaal al totaal onwerkelijk boven. Dus een redelijk of begrijpelijk antwoord op mijn vragen zou al onmogelijk zijn. Ik kijk weer naar het schilderij. Hij was waarschijnlijk een groot en wijs tovenaar, mompel ik. Inderdaad, is het antwoord vanuit de andere stoel: en soms mis ik hem erg.
Hey, Mark, hier zit je dus!, Martín komt op me aflopen: We waren je al kwijt, je was zo snel de slaapkamer uit. Ik ga maar weer eens, je vrienden zijn er nu om je gezelschap houden, zegt de stem in de stoel naast me. Bedankt voor ons kleine gesprek. Ik wil nog wat terug zeggen, maar wordt door José besprongen. Hey kerel, waar zat je nou? Lachend duw ik José van me af en deze neemt plaats in de stoel waar heer Wayra net zat. Martín zit inmiddels in de andere stoel. Ik heb een nieuwe kop thee voor je meegenomen, zegt Mara die er inmiddels ook aan is komen lopen. Ze kijkt het kringetje rond, en besluit om maar naast mij op de leuning te kruipen, aangezien er geen stoel meer vrij is.
We hadden ons net bedacht dat, omdat jij uit de toekomst komt, jij ons vast wel kunt vertellen hoe dit allemaal afloopt. Ik bedoel, geheid dat er in jouw tijd ook nog tovenaars zijn enzo., begint Martín. Nou eigenlijk, begin ik: zijn de meeste mensen er in mijn tijd van overtuigd dat tovenaars niet bestaan. En ik ben nog geen verhalen tegen gekomen over een Heer Loku, laat staan over het Kollumsoord. Eigenlijk worden alle verhalen die er zijn over tovenaars en heksen, bestempeld als sprookjes en fantasie, en worden ze geen van allen echt serieus genomen. Drie paar grote ogen kijken me aan. Dat meen je niet, stotterd José. Sorry, maar dat is echt zo. En dat ik nu hier zit en op die knop van de tijdmachine voor Zweinstein heb gedrukt heeft daar ook mee te maken. Het is een verhaal. Een verhaal uit een boek, fictie, bestaat niet. Tenminste dat dacht ik. Maar tegelijkertijd weet ik dat ik nu waarschijnlijk mijn mening daarover bij mag bijstellen. En om antwoord te geven op je vraag. Nee, ik weet niet hoe dit gaat aflopen. Ik heb er nooit iets over gehad tijdens mijn geschiedenis lessen, en ik heb er nooit iets over gelezen. Voor mij is de uitkomst van onze tijd hier net zo onbekend als voor jullie. Hmm, het was ook maar een gedachte die we hadden., zegt Martín, enigszins ontzet. Ik ga trouwens zo slapen, loop je mee José? Ik ben al onderweg, antwoordt de andere spanjaard. Mark? Mara? Ik drink nog even mijn thee op antwoord ik. En ik blijf Mark nog even gezelschap houden.
5 reacties
Tijdmachine deel XI
19 feb - mark
IK ben een paar daagjes stil geweest hier, maar als goedmakertje een extra lang deel uit het Tijdmachine verhaal.
Wij zijn ook net klaar, was echt een geweldige les. Heer Toro is echt geweldig zoals hij met zijn toverstaf omgaat en de spreuken die hij tevoorschijn tovert. Ook José begint enthousiast aan zijn verhaal. Martín zit nog steeds afwezig in het haardvuur te staren, met een gezicht als onweer. Mara en ik doen ons best om Josés verhaal bij te houden, maar die jongen is zo vol overgave aan het ratelen over de les dat we de helft niet meekrijgen. ..en Sadaf die toen van haar stoel werd geschoven .. Maar misschien komt het ook omdat ook wij nog niet helemaal bij zijn gekomen van onze les. .en de manier waarop hij toen die stoel in de lucht liet zweven was echt geweldig . Als ik mijn lege theemok voor mijn voeten neerzet op de rand van de openhaard, is José nog steeds geanimeerd aan het vertellen. .vervolgens mochten wij ook proberen om iets te laten zweven .. Maar helaas voor hem is er eigenlijk niemand die het verhaal echt mee krijgt. Mara knikt af en toe nog vriendelijk naar hem en mompelt af en toe iets bevestigends.
Ok mensen, het avondeten staat geserveerd roept Senor Osso enthousiast. Ik schrik op uit mijn afwezigheid, geef Martín een duw om hem wakker te maken en richting tafel te laten lopen. Mara is inmiddels ook weer helemaal bij en loopt met José richting eettafel, die nog steeds enthousiast aandoet en beweegt. Martín werkt zichzelf uit zijn luie stoel en samen lopen wij de paar stappen naar de eettafel. Wacht maar totdat je dadelijk gegeten hebt. Je knapt sowieso op van een maaltijd, maar omdat je vanmiddag die oefeningen hebt gedaan ben je straks echt overactief., zeg ik tegen hem. Hij kijkt me een beetje ongelovig aan, maar knikt dan.
De maaltijd is eenvoudig maar lekker, verschillende gestoofde groenten, aardappelkoeken en Senor Osso staat voor iedereen die wil een stuk vlees af te snijden van iets dat lijkt op een beenham. Verder staan er wat broden en kazen op tafel. Aan de andere kant van de tafel zie ik Rosalinde, de blonde jongedame die vanochtend als eerste naar voren mocht komen bij de kist, een beetje met haar eten pikken en mopperen. Dit ga ik echt niet eten, moppert ze tegen Sadaf. Meer vang ik niet op, omdat Vincent bijna van zijn stoel af dondert en daarbij nogal veel lawaai maakt. Maar ik zie Sadaf wel geïrriteerd naar Rosalinde kijken. Ondertussen ligt José samen met Martín, die schijnbaar ook weer is opgeknapt, in een deuk van het lachen. Nadat Vincent in een poging zijn val te breken, zijn bord grijpt, maar vergeet dat een bord met eten geen houvast biedt, en zo achterover, met het bord nog in zijn handen, van de stoel afvalt. Of eigenlijk, met stoel en al.
Na de maaltijd krijgen we van Heer Wayra te horen dat er voor vanavond niet echt iets op het programma staat. Als hij uitgesproken is, heerst er een gezellige een ontspannen sfeer aan de tafel. Iedereen is enthousiast over de eerste dag en benieuwd naar wat er komen gaat.
Als ik opsta en mijn spullen van de tafel afruim, klinkt er aan de tafel een gezellig geroezemoes en gelach. Terwijl ik mijn bord en bestek op de afruim-kar leg, komt Mara naast me staan. Je zou me vanavond vertellen hoe je aan die rare armband rond je linker pols komt, zegt ze uit het niets. Enigszins verbaasd kijk ik haar aan. Ik kijk haar even aan en probeer in de tussentijd een leeg excuus ter verzinnen, maar besef me ook dat vanavond net zo goed is als ieder ander moment. Ja, stommel ik: je hebt gelijk, ik had het je beloofd. Maar laten we Martín en José ook meevragen, zij hebben er ook recht op. Ze knikt bevestigend.
Vijf minuten later loop ik samen met de twee Spaanse jongens en Mara richting onze slaapvertrekken. We lopen de slaapkamer door en gaan voor het grote raam zitten. Ik kruip aan de linkerkant tegen het raamkozijn aan en Mara aan de rechterkant. Martín en José pakken allebei een stoel bij de tafel vandaan, gaan naast de bank zitten en leggen de voeten op de bank.
Nou brand los., grijnst Martín. Ik kijk een keer de groep rond en laat mijn blik dan op mijn linkerarm vallen. Ik rol de mouw van mijn gewaad iets op zodat mijn horloge zichtbaar is. Martín en José kijken verbaasd naar het ding en Mara knikt alleen maar. Ok, wat is dát voor een ding rond je arm, klinkt een van de mannenstemmen. Dat is een horloge. Een wat??, mompelt dezelfde stem. Een horloge, herhaal ik. En om de drie onbegrijpende gezichten tevreden te stellen: Dat is een apparaatje dat laat zien wat voor een tijd het is. Nog steeds vragende gezichten. Dit ding laat zien hoe laat het is. Als de zon op zijn hoogste punt staat is het 12 uur in de middag. Het laat dus zien of het nog ochtend is, of al middag, of avond, of nacht. De blikken kijken nog verbaasder dan ze al waren. Zit dat allemaal in die armband van je?, vraagt José verbaasd. Ik knik bevestigend. Maar hoe kom je eraan dan?, vraagt Mara. Dat is een nog langer verhaal, antwoord ik: en daarom zitten we nu ook hier, jullie wilden weten waar ik vandaan kwam, en omdat ik jullie nu wel vertrouw zal ik het vertellen. Ik kom namelijk niet hier vandaan. Nee, wij ook niet, wij komen uit Spanje., roept José. Die meteen een stomp krijgt van Martín: Ik denk niet dat hij dat bedoelt.
Ik kijk de drie mensen aan en leg dan mijn hoofd tegen het raam. De zon die zakt weer achter de kasteelmuur weg, terwijl ik even voor me uit blijf staren en probeer te verzinnen, hoe ik ze dit ga vertellen. Ik kom uit de toekomst., zeg ik, en staar naar een spinnetje dat aan de buitenkant van het raam een web begint te bouwen. Het blijft stil in de slaapkamer. We staren alle vier naar buiten.
Hoi, klinkt de stem van Vincent die de kamer op komt stuiteren: Wat zijn jullie aan het doen? Maar als hij de dodelijke blik van Mara ziet: Let maar niet op mij, ik ben al weg, ik kwam sowieso alleen maar een deken halen.
Ik staar weer even uit het raam. Dus .., mompelt Martín: .uit de toekomst? En kijkt mij onbegrijpelijk aan. Ja ik weet wat je bedoelt Martín, het is voor mij net zo onbegrijpelijk als voor jullie. Maar ja, ik kom uit de toekomst. Om precies te zijn 355 jaar verder, uit het jaar 2004. Maar hoe dan?, vraagt Mara.
Met een tijdmachine. Ik wist niet eens dat zon ding bestond, maar ik kreeg van iemand de mogelijkheid om met een tijdmachine een stukje de geschiedenis in te reizen en weer terug te keren naar mijn heden. Helaas had dat ding alleen een aantal voorkeuze menus. Maar op 1 knop stond jouw school Zweinstein. En daar wilde ik wel eens heen. Je moet weten, in de toekomst zijn er een aantal boeken geschreven over Zweinstein en een jongen die daar op school zit. En ik heb die boeken allemaal gelezen en het leek me wel interessant om daar een kijkje te nemen.
Maar je bent nu op het Kollumsoord voor Magie en Schone Kunsten en niet op Zweinstein, zegt Martín. Klopt, en ik heb geen idee waarom ik hier terecht ben gekomen in plaats van daar. Ik weet dat het voor sommige voor jullie onverwacht was om hier te verschijnen, maar ik ben niet eens een tovenaar, dus waarom ben ik dan hier?
Geen tovenaar?, José kijkt me met grote ogen aan: Maar je hebt vanochtend die kist weggeblazen met je toverstaf, dan moet je toch wel een tovenaar zijn? Ik weet wat er gebeurt is José, maar ik geen idee hoe ik dat heb laten gebeuren. Ik heb nooit kunnen toveren. Zal ik hem nog ingewikkelder maken? Die toverstaf is echt van mij, maar ik heb hem niet meegenomen in de tijdmachine. Heer Wayra heeft hem aan mij gegeven, maar hoe hij eraan komt, is mij een raadsel. Sowieso waarom het nu een toverstaf is. In mijn tijd gebruik ik hem alleen met Tai Chi. Daar bestaan niet eens toverstaven. En nu ik hier ben .nou ja, we hebben allemaal gezien wat er vanochtend gebeurde.
Ok, mag ik even samenvatten? vraagt Martin en ik knik bevestigend. Dus je komt uit de toekomst, vandaar die rare armband. Je hebt geen idee waarom je hier bent en niet op Zweinstein. Je bent geen tovenaar, hebt nooit kunnen toveren. Maar je hebt wel de kist weggeblazen met je toverstaf. Die geen toverstaf is en die je niet eens hier mee naartoe hebt genomen, maar hier wel is. Klopt het zo een beetje?
Ja zo ongeveer, mompel ik, terwijl het spinnetje inmiddels is begonnen aan de cirkels van zijn web. Waar is die tijdmachine eigenlijk? vraagt José. Verschrikt kijk ik weg van het spinnetje naar José, en realiseer me dat ik daar nog helemaal niet aan gedacht heb. Ik heb die hele tijdmachine niet meer gezien sinds ik hier ben aangekomen ..
Mara doorbreekt de stilte met een lichte kuch: Ik denk dat het voor nu even niet belangrijk is, waar die tijdmachine is. Maar dat we allemaal dat doen waarvoor we hier zijn, namelijk Heer Wayra en de rest helpen en zorgen dat die Heer Loku niet de toverspreuk doorbreekt. Pardon? Hoe kun je zo hard zijn?, roept José. Nou heel makkelijk, antwoordt ze: Toeval bestaat niet, dingen gebeuren niet zomaar en we zijn hier allemaal met een reden heen gestuurd. Of met een reden, we zijn allemaal door onze schoolhoofden uitgekozen. Daarnaast wisten wij allemaal niet waarom wij hier nu zijn. En ook de manier waarop wij hier zijn gekomen is vaak niet heel logisch. Ik ben hier gekomen via de welkoms-brief die was omgetoverd tot ViaVia. En ik hoorde vanmiddag voor de lunch van Martín, dat hij en José ook ongevraagd hierheen zijn getoverd. Ik kijk Martín aan. Een wedstrijd schermen. De degen van Senor Osso was een ViaVia., antwoord deze.
Ik denk dus dat we de tijdmachine kunnen zien als een soort ViaVia, en dat als we hier klaar zijn Mark op de één of andere manier wel weer terug komt., gaat Mara verder.
Daar zou je wel eens gelijk in kunnen hebben. Ik heb me er in ieder geval al bij neergelegd dat ik hier voorlopig nog wel even zit. Ik zie wel wat er gaat gebeuren, en als er een reden is voor mijn aanwezigheid hier, dan kom ik daar vast nog wel achter. Dus nu weten jullie het dus, ik kom uit de toekomst. En als jullie het niet erg vinden dan voorspel ik nu dat onze toekomst er warm uit gaat zien. Hoezo?, hoor ik José vragen. Nou, omdat we nu naar beneden gaan en rond het haardvuur met een kop thee gaan zitten, daarom., grijns ik, terwijl ik me opricht uit de bank.
De maan is inmiddels opgekomen en heeft een zilveren deken over het kasteel uitgespreid, waardoor alles er nog magischer uit gaat zien dat het al was. Heel even denk ik weer een figuur te zien op het terras van de grote toren, maar besluit al gauw dat ik daar nu niet aan wil denken, maar een kop thee ga halen beneden.
1 reactie
Dood
16 feb - liesette
Ik had dit weekend nog iemand willen bezoeken. Ik kreeg haar niet te pakken en bedacht me later dat ze waarschijnlijk naar een Trakhenershow in Duitsland was. Niets was minder waar. Ik las net een mailtje van haar dat ze de afgelopen dagen aan het sterfbed van haar zus had gezeten. 47 jaar en binnen drie weken overleden aan een hersentumor. Ik kende haar wel, iemand met een enorme levenslust. Wat een onzettend afschuwelijk nieuws, zeker voor haar drie kinderen...
3 reacties
Vriendschap
16 feb - liesette
Een weekendje bij mijn ouders betekent in de praktijk dan ik rond aan het scheuren ben om iedereen weer ff te zien. Natuurlijk zijn mijn kleine nichtjes vaste prik, even op de rug van Gentle zitten en als het even kan ook mijn oude paardenvrienden zien.
Dus zondag, op naar G., ook wel gekscherend mijn moeder-twee genoemd. Zij is mijn dierenarts en vanaf mijn dertiende heb ik daar heel veel tijd doorgebracht. Vaak nam ik mijn pony, en later mijn paarden, mee naar haar boerderij en bleef ik weken logeren. ’s Ochtends voor het ontbijt in het bos trainen en de rest van de dag helpen op de paardenpraktijk. Mee visites rijden en de anatomie uitgelegd krijgen in stoftekeningen op het dashboard. Samen op concours of op zondagochtend de krant lezen, ontbijten en dan lange buitenritten. Mooie herinneringen.
Rond mijn 18e leerde ze een man krijgen met wie ze vrij snel trouwden, ze is 20 jaar ouder. Tussen hem en mij boterde het niet bepaald. Naast een open en warme persoonlijkheid stond in eens een kille Groningse boer. Ik maakte plaats en vertrok kort daarop naar Groningen. Het contact stond een aantal jaren op een laag pitje. Ik had dingen voor mijzelf uit te zoeken, zij was druk met haar gezin.
Nu zien we elkaar een aantal keren per jaar. En het is altijd goed (als ze haar kids tenminste ff achter het behang plakt). Natuurlijk delen we een groot verleden, maar de basis is rijk genoeg om ook te buigen over een toekomst. Onze relatie is sterk genoeg geweest om zich te ontwikkelen van een soort van moeder-dochter relatie tot een gelijkwaardige vriendschap. Ondanks het feit dat onze levens meer dan ooit uit een liggen.
Toen is ‘s,middags wegreed overviel me een golf van heimwee. Ik ben wel verdomde blij en trots op deze bijzondere vriendschap! Zij is een van die vrienden van wie zeker weet dat ze blijft door de jaren heen.
reacties
My only love sprung from my only hate
15 feb - mark
Vandaag geen nieuw deel uit de tijdmachine. Als u ziech afvraagt waarom, dan is het anwoord redelijk simpel. Het is vandaag, of eigenlijk, het was vandaag Valentijnsdag. Een walgelijke dag in het leven geroepen door de middenstand, om het omzetverlies tussen kerst en pasen en pinksteren een beetje op te vullen. Winkels die hun etalages roze en rood kleuren in de hoop zieltjes te winnen en diens portemonee leeg te roven. TV-zenders ie al weken lang reclame blokken in zoete kleuren uitzenden om kijkers over te halen om vooral voor die lichtbak te gaan zitten op de bewuste dag. En om deze hele commercie een thema te geven, verwacht de maatschappij dat iedereen met een relatie lief voor elkaar is, kadootjes koopt en uit eten gaat. Heb je geen relatie, maar heb je wel een droomprins, danwel droomprinses op het oog. Dan is deze dag de uitgelezen kans om hem of haar een roze kaart met rode hartjes te sturen. Uiteraard zonder je eigen naam te vermelden, zodat de ontvanger er alsnog niets aan heeft. Behalve dan de papierbak vullen.
Ik had me voorgenomen om deze hele dag aan me voorbij te laten gaan, er ook niets over te gaan schrijven. Ik ben namelijk nog steeds bezig met een verhaal en dat zou eigenlijk voorrang moeten hebben. Ware het niet dat ik mijn lichte aversie tegen de televisie vandaag opzij heb gezet, voor het kijken naar een film die ik persoonlijk, om niet al te duidelieke redenen, briljant vindt. Romeo and Juliet door regisseur Baz Luhrmann. Het oude verhaal van Shakespeare, geplaatst in een moderne setting maar met de oud engelse teksten.
Gekwelde zielen, gekwelde levens met een slechte afloop. Een verhaal over echte liefde, onmogelijke liefde en de uitwerking van haat en liefde op je leven. Ik heb het verhaal al meermalen gelezen. De film iets minder vaak gezien, in deze danwel andere uitvoering. Helaas is mijn kennis van Shakespeare niet groot genoeg om alles uit het verhaal te halen wat er in zit. Maar oh, wat is het een geweldig verhaal.
4 reacties
Tijdmachine deel X
14 feb - mark
Kom laten we beginnen, roept Senor Osso en grijpt enthousiast Arek rond de nek. Bam Mara, Martín en ik staan met open mond te kijken. Met dat Osso Arek grijpt, buigt de ander door, pakt de schouder van de man vast en met een soepele beweging hapt Senor Osso een mond vol zand naar binnen. Juffrouw Ada staat alleen maar met een grijns toe te kijken en zegt: Ik had al met Madam Mariëtta gesproken en die wist me te vertellen dat je nogal vergevorderd bent in Judo. Senor Osso staat quasi nonchalant op, klopt wat zand van zijn mantel af en roept: Jullie snappen natuurlijk dat ik dit alleen maar deed om Arek de kans te geven zijn Judo kunsten te tonen. Als ik echt had gewild, was Arek degene geweest die stof mocht happen. Tuurlijk, fluisterd Mara Arek en ons toe. En met zijn vieren volgen we stil lachend Juffrouw Ada die ons een kamer verder wijst.
Als ze de deur naar de kamer opent, zien we tegenover ons een beeld van een tovenaar die in lotushouding zit en de kamer inkijkt, terwijl een mantel langs de zijkant van zijn lichaam valt. Juffrouw Ada, legt haar handpalmen tegen elkaar en buigt een keer naar het beeld. Dit is Heer Chan Lu, naast een groot filosoof en wijsgeer, was hij ook een grootmeester in de kunst van het magisch verweer. Ook wel Yung Chuan genoemd. Ook ik maak uit respect een buiging voor het beeld en zie de rest hetzelfde doen. Als ik me weer opricht zie ik dat het beeld op een verhoging staat met aan de voet ervan een aantal stompkaarsen en wierrookhouders. Juffrouw Ada loopt er heen, knielt en steekt 6 wierrook stokjes aan, staat op en buigt nog een keer.
Ga zitten, zegt ze en wijst op de kussens die in een kring op de vloer liggen.
Zoals jullie waarschijnlijk al weten, is voor een gezond lichaam een gezonde geest nodig. En voor een goede beheersing van je lichaam en kennis van Yung Chuan dient jullie geest ook getraind te worden. Daarom zullen we deze les wijden aan het tot rust brengen van jullie geest.
Neem alsjeblieft de Lotushouding aan Martín Naast me klinkt gestommel. Goed zo. Leg nu allen je handen op de knieën, daar hoeven jullie voorlopig nog niets mee. Recht nu je rug, dat zal in het begin wat ongemakkelijk aanvoelen, maar doordat jullie op een kussentje zitten, liggen jullie benen wat naar beneden, waardoor jullie stuitje en lendenwervel iets naar achter komen te liggen en hierdoor komt de rest van de rug vanzelf recht te staan. Ontspan nu jullie schouders en richt je kruin iets omhoog. Perfect.
Madam Ada loopt rustig pratend in de kleine kring rond, we zitten met zijn vieren, Mara rechts van me, Martín links, en recht voor me zit Arek. Heer Osso heeft zich inmiddels in een hoek van de kamer teruggetrokken.
Sluit nu jullie ogen en richt je aandacht naar binnen. Volg je ademhaling. Adem in door je neus en uit door de mond. De lucht komt via je neusgaten, neusholte, keel, en je luchtpijp in je longen. Deze vullen zich volledig met lucht en laten deze weer via je luchtpijp, keel en mond je lichaam verlaten. Adem rustig en niet te snel. Probeer ook met je buik te ademen. Voor nu geldt, als je inademt zet je buik uit, en adem je uit, trekt je buik weer in. Adem in, adem uit. Lucht in je longen, lucht uit je longen.
Mara houd je ogen gesloten alsjeblieft. Mark hou je rug recht, niet inzakken met dat lange lichaam van je.
Adem in en adem weer uit. Breng het ritme van je ademhaling omlaag. In .Uit .In .Uit. Goed zo. Visualiseer de luchtstroom, voel de luchtstroom. In en weer uit. Longen lopen vol, halen het zuurstof uit de lucht en blazen de lucht weer uit.
Juist ja. Adem in, adem uit. In de verte hoor ik Senor Osso enigszins verveeld kuchen, maar Juffrouw Ada besteed geen aandacht aan hem.
Probeer je hoofd leeg te maken van gedachten. Gedachten komen op, maar je besteed er geen aandacht aan. Je laat ze los. Goed, adem in en adem weer uit. Het enige waar je mee bezig bent is het volgen van je ademhaling. Via de neus in, en via je mond weer uit. Netjes, niet haasten. 1, adem in, en weer uit. 2 adem in, en weer uit. 3 in ..4 in .5 .6 .
Ik voel mijn lichaam wegzakken in een volledige ontspannen toestand. De lucht die ik inadem voelt schoon en koel aan. . 24 ..25 ..26 .. Gedachten verdwijnen en ik ben alleen nog maar bezig met mijn ademhaling. 87 .88 89 Heel goed mensen hou dit nog heel even vast. .198 .199 .200 Fantastisch gedaan. Blijf nog even rustig zitten en doorademen. Ik tel dadelijk van 3 terug naar 1 en dan openen jullie je ogen. 3 ..2 1 adem uit en open je ogen. Welkom terug.
Voorzichtig open ik mijn ogen, de kamer ziet er nog een beetje vaag en mistig uit. Ik kan het hoofd van Arek zien, maar echt scherp is het nog niet. Blijf nog even rustig zitten., hoor ik juffrouw Ada zeggen, terwijl ik voor me het silhouet van Arek bijna om zie vallen. Langzaam aan beginnen mijn ogen weer hun eigenlijke functie te herkennen, namelijk kijken en zien. Ik draai mijn hoofd bij en zie Mara nog een beetje afwezig in het niets staren. Achter haar zie ik Heer Chan Lu tevreden toe kijken. Voor het beeld zijn de wierrookstokjes inmiddels opgebrand en zijn de kaarsen die daarstraks nog bijna heel waren, een flink eind gesmolten en opgebrand.
Juffrouw Ada klapt tweemaal in haar handen en roept: En weer aandacht mensen, welkom terug op aarde. Haar gezicht glundert helemaal als ze ons nog een beetje afwezig ziet staren. Willen jullie nu weer gaan staan, maar doe alsjeblieft voorzichtig. Arek is als eerste overeind, maar dreigt weer om te vallen en hij mompelt iets over een slapend been. Ik leg mijn benen weer naast elkaar en laat mijn voeten de grond weer voelen. Voorzichtig breng ik gewicht in mijn benen en even later sta ik weer rechtop. Mijn hele lichaam voelt nog ontspannen aan. Een beetje wankel, maar wel erg lekker. Een hand klampt zich vast aan mijn schouder, en als ik opzij kijk, zie ik dat deze van Mara is, die nog niet helemaal stabiel staat.
Martín is inmiddels op Arek afgestrompeld en ik vang iets op over: bijna in slaap gevallen. Heer Osso is niet meer te bekennen en Juffrouw Ada vertelt dat hij een tijdje terug al de kamer heeft verlaten. Ze praat nog steeds op een rustige manier en in een monotoon tempo. Ook zij is nog niet helemaal wakker.
Zo dat was het eigenlijk weer voor vandaag. Ik zal jullie weer mee terug nemen naar de woonkamer. De rest zal ook al wel weer terug zijn. Is het al zo laat dan?, vraagt Martín enigszins verbaast. Ja, het is alweer bijna etenstijd., lacht ze.
Nog een beetje nagenietend loop ik samen met de rest achter Juffrouw Ada aan, terug naar de eetzaal. Als we binnenkomen zit de groep van Madam Mariëtta al binnen. Arek loopt richting een jongen met hetzelfde postuur als hijzelf. Blijkbaar kennen ze mekaar, ik gok op schoolgenoten. Samen met Martín en Mara kruip ik rond het haardvuur. Vincent zit er ook al. Hoe was jullie les?, vraagt hij. Heerlijk, antwoord Mara dromerig, terwijl Martín en ik nog een beetje afwezig in de vlammen staren. Madam Mariëtta heeft ons vandaag een rondleiding gegeven door een grote kamer vol met potten en pannen. En daarna meegenomen naar een kamer waar allemaal verschillende potjes stonden met nog meer verschillende dingen weer in die potjes., verteld het kleine ventje enthousiast. Wil je gewoon heel even je mond houden., snauwt Martín, terwijl hij in het haardvuur blijft staren. Mara geeft hem een stomp tussen zijn ribben: Kom kom, een beetje vriendelijker mag best. Sorry Vincent, we zijn niet helemaal wakker., legt ze uit.
Hey ook weer wakker, oh medespanjaard, bulderd een stem aan de andere kant van de kamer. Een lang lichaam sprint naar voren en springt Martín op de schouders. Grom, is het enige wat het slachtoffer uit weet te brengen. Mara, Mark, knikt José ons toe.
3 reacties
Tijdmachine deel IX
13 feb - mark
Als ik samen met juffrouw Ada en een aantal andere leerlingen de trap op loop, houd ik even stil om me nog even om te draaien en de binnenplaats te bekijken. Aan de voet van de trap zie ik Mara en Martín nog rennnen en lachen. Iets verder zie ik Heer Toro richting kasteelmuur lopen en de kist oprapen die we deze ochtend met zijn allen misbruikt hebben. Het ding ziet er een beetje laveloos uit, maar ook oud en sterk. Een aparte kist, denk ik en mijn blik reist verder naar de bovenkant van de kasteel muur. Het zonlicht zet de kantelen in hun volle glorie en als ik wat verder naar rechts kijk, ziet de poort, waarachter de slotgracht met zijn ophaalbrug, ligt er imposant en sterk uit. De twee torens die de bovenkant van de poort bewaken worden bevolkt door een aantal vogels. Als ik het goed heb zijn het een aantal kauwen en een enkele duif, maar mijn ogen hebben zich redelijk samengetrokken door de toch nog felle zon, zo half november.
Kom we gaan eten!, roepen Mara en Martín tegelijkertijd als ze me beiden van achteren bespringen. Niks geen Tai Chi reflexen hier, ik val gewoon om en met zijn drieën rollen we lachend over de vloer van de deur. Als we de woonkamer binnen lopen zitten de meeste mensen al aan een grote lange tafel aan de rechterkant van het vertrek. Links daarvan bij de openhaard staat Heer Wayra in overleg met Heer Toro en Juffrouw Lina. Hun blikken verraden niet veel positiefs, maar als ze zien dat de lunch geserveerd wordt, trekken hun gezichten bij en gaan ook aan de lange tafel zitten.
Ja Monique, dat weet ik, hoor ik Vincent aan de overkant van de tafel zeggen: Ik kan er toch ook niets aan doen dat mijn staf zo lang is. Ik kijk naar degene die Monique werd genoemd en zie dat het, het kleine meisje is, waar ik Vincent al vaker mee heb zien lopen. Ja maar je sloeg Heer Toro bijna onderuit en de uitwerking die je staf had op de kist was ook niet heel erg groot. De mijne ging tenminste nog open en blies wat witte rook de lucht in. Maar bij jouw leek het wel alsof hij een kriebel in de keel had en dat er even uithoestte. Martin kijkt enigszins beschaamd naar zijn kom soep met een homp brood ernaast en speelt een beetje met zijn lepel door de soep heen. Vincent, kun je me even een stuk brood aangeven?, vraag ik. En terwijl hij me een beetje onhandig de schaal met brood aangeeft, vraag ik aan hem, hoe hij aan zon mooie staf komt. Zijn ogen beginnen een klein beetje te schitteren en hij antwoord voorzichtig: Vind je hem echt mooi? Tuurlijk, anwoord ik: Ik heb zelf ook zon lange staf en als ik iemand anders ook zon ding zie hanteren dan schept dat toch een zekere band. Als je wilt zal ik je binnenkort een paar handigheidjes leren hoe je ervoor zorgt dat je die stok niet doelloos rondzwaait en ongelukken veroorzaakt. Zijn ogen puilen inmiddels bijna uit zijn oogkassen van vreugde en zijn mond stamelt een voorzichtig bedankje. Monique kijkt me enigszins verwaant aan, maar krijgt de kans niet om wat te zeggen.
Heer Wayra is inmiddels opgestaan en spreekt tot de tafel: Jullie zijn deze ochtend ingedeeld in drie groepen. Voor vanmiddag zullen jullie met de persoon meegaan bij wie jullie zijn ingedeeld. Zij zullen jullie een verdere uitleg geven over wat er de komende dagen van jullie verwacht wordt. Voor nu, hoop ik dat de maaltijd gesmaakt heeft. Stapel jullie borden en kommen weer netjes op de kar, dan mogen jullie van tafel. Over een half uurtje worden jullie hier weer verwacht.
Een heerlijk geroezemoes klinkt er over de tafel heen, als iedereen de borden begint te verzamelen. Ik loop in mijn eentje terug naar de buitendeur en ga boven aan de trap zitten. Mijn staf ligt op mijn schoot en ik staar een beetje doelloos voor me uit. Ik bekijk hem even en vraag me zwaar af hoe hij hier in vredesnaam is gekomen. Alles klopt, de tekeningen die ik er aan de bovenkant op heb geschilderd. De kleine oneffenheden van het hout. De twee stukjes tape die de boven en onderkant van de stok beschermen en markeren. Zelfs de strepen die hij heeft gekregen door het vele oefenen tijdens de lessen en in het bos kloppen. Het is toch echt mijn staf.
Ik sta op en zet mijn voeten op schouderbreedte, ontspan mijn lichaam en houdt de stok in mijn rechterhand naast me. Ik sluit mijn ogen en ik luister naar de geluiden om me heen. Eigenlijk is het muisstil. De deur van het kasteel is gesloten en laat geen geluiden door, in de verte hoor ik een enkele vogel fluiten en de wind die over de kantelen waait geeft een lichte rustgevende zoem. De zon die in mijn gezicht schijnt voelt warm aan voor de tijd van het jaar en ik voel een zachte bries mijn gewaad naar rechts blazen. Plotseling wordt er in mijn linker oor geblazen. Ik open mijn ogen en kijk naar links. Niets te zien. Ik kijk eens om me heen, niemand, alles is nog even stil. Dan wordt er in mijn nek geblazen, ik draai om maar zie wederom niets. Ik kijk een beetje verward om me heen, maar hoor dan in de verte gelach. Ik kijk omhoog en zie dat het grote ronde raam van de onze slaapkamer een stukje openstaat. Daar staan twee bekende gezichten van Martín en José te lachen, terwijl één van hen met zijn toverstaf zwaait. Ik zwaai lachend terug en loop naar binnen.
Als ik boven ben gekomen zitten de twee lachend op het bed van José. Je had je reactie moeten zien, lacht de eigenaar van het bed. Ja vooral je gezicht was briljant, schatert de ander. Jaja, grijns ik: dat trucje moeten jullie me ook maar eens leren. Maar als jullie het niet erg vinden, sla ik even wat water door mijn gezicht heen en hobbel dan weer naar beneden. We zullen zo wel weer beginnen.
Als ik van de toiletruimte terug loop, kom ik Mara tegen. Ze hadden je flink te pakken hoorde ik? Ja, mompel ik: maar loop je mee naar beneden? Juffrouw Ada zal wel op ons zitten te wachten. Is goed., zegt ze: nog even een paar spullen op mijn bed leggen en dan kom ik eraan, terwijl ze een handdoek omhoog houdt als bewijs.
We lopen de woonkamer in en zien, dat Juffrouw Ada al op ons staat te wachten. Naast haar staat Martín te grijnzen en een andere jongen. Ik schat hem een jaar of 16 of 17. Hij heeft een smal postuur, een scherp afgetekend smal gezicht en ik kan nou niet zeggen dat hij echt vrolijk kijkt. Arek, mompelt hij, als we eraan komen lopen en mekaar begroeten. Ik ga er maar even vanuit dat hij daarmee zijn naam bedoelt.
Juffrouw Ada neemt ons mee naar de grote zandbak kamer, alwaar Heer Osso ook aanwezig is. In zijn rechterhand houdt hij een lange smalle zwarte toverstaf, die nog het meest lijkt op een floret, die ze bij schermen gebruiken, alleen dan zonder de beschermingskap voor de hand. In zijn linkerhand houdt hij een punt van zijn grote rode mantel. Als ik hem zo zie bewegen op de zandvloer, doet hij me nog het meest denken aan een toreador die rond een stier draait, vlak voordat hij een sabel in de nek van het dier boort.
Osso!, roept Juffrouw Ada en ze klapt tweemaal in haar handen: Het is tijd om te beginnen. Senor Osso kijkt op, richt zijn lichaam op en loopt trots richting ons kleine groepje. Zoals jullie misschien al begrepen hebben, of misschien ook niet, begint juffrouw Ada vriendelijk. Zijn wij hier bijeen om ervoor te zorgen dat Heer Loku over vijf weken niet de kans krijgt om zichzelf uit zijn gevangenis-spreuk te bevrijden. Of hij daarbij hulp gaat krijgen of niet, weten we niet. Maar wij zijn nu met ons kleine groepje hier, om ervoor te zorgen, dat alle eventuele hulp die hij zou kunnen krijgen verhinderd wordt. Hoe we dat gaan doen is net zo simpel als dat het moeilijk is. Jullie zijn bij mij en Senor Osso geplaatst voor de kwaliteiten die jullie hebben in aanvallen en verdedigen. Aan ons is het de taak om eventuele handlangers van Heer Loku bij hem vandaan te houden, op iedere mogelijke manier. Daarom zullen Senor Osso en ikzelf jullie vaardigheden de komende paar weken bijschaven, verbeteren en nieuwe dingen aanleren.
Ik kijk de groep rond en eindig bij Martín. Het ziet er naar uit dat je toch je zin krijgt mijn spaanse vriend, we zullen waarschijnlijk binnenkort tegen elkaar mogen sparren. Martín kijkt me alleen maar aan en knikt met een vriendelijke glimlach: Inderdaad.
4 reacties
Tijdmachine deel VII
12 feb - mark
Vervolgens draait hij zich weer om richting Heer Osso en vervolgt zijn gesprek. Hmm ik had eigenlijk verwacht dat hij weer een lang verhaal zou gaan houden., begint José, terwijl hij zijn lege mok op de rand van de openhaard zet. Wees blij, zegt Martín: dat hij het niet doet, des te eerder krijgen we het ontbijt. Kijk daar is het al. Achter ons gaat een deur open en het kleine mannetje van gisteravond komt binnen rijden, met een grote kar vol met broodjes, kaas, worst, kannen water en melk.
Het is een eenvoudig ontbijt en we worden geacht zelf met een bord en mes langs de kar op te lopen. Maar dat bevalt me eigenlijk wel.
Met ons bord op schoot eten we rond het haardvuur ons brood op. Ik knabbel wat op een stuk kaas, terwijl Marín en José geanimeerd vertellen over een sportwedstrijd op Madros. Wat ik ervan begrijp is het een soort van stierenvechten. Maar dan op een bezem en tegen één of ander vliegend wezen. Wat het precies is snap ik niet helemaal. Maar voordat ik er over door kan vragen, stelt Mara me een vraag. Nou wil ik toch echt wel graag weten wat dat voor een ding is dat er om je linker pols zit.
Ik was al blij dat dit gewaad lange mouwen had, ondanks dat ik nooit lange mouwen draag, maar klaarblijkelijk heb ik de mouwen opgestroopt om zo niet met die dingen in mijn brood te zitten. Vanavond antwoord ik: vanavond als we hier weer rustig alleen rond het haarvuur zitten zal ik jullie vertellen wat dit is en hoe ik hier kom.
Ze werpt me weer een dodelijke en teleurgestelde blik toe, maar vraagt niet verder. Ook Martín en José schijnen er vrede mee te hebben, want die zetten hun gesprek ook weer voort. Maar weet je nog die keer dat ik met een dubbele looping die Foegoer te snel af was?
Ik hoop dat jullie allemaal goed gegeten hebben, vraagt Madam Lina. In mijn ooghoek zie ik Vincent nog snel een homp brood in zijn mond duwen, terwijl hij op het puntje van de bank gaat zitten, in de hoop zo beter Madam Lina te kunnen horen. want het zal een drukke dag worden vandaag. Om te beginnen gaan we dadelijk kijken wat voor een toverstokken jullie hebben en wat jullie sterke kwaliteiten zijn op het gebied van magie en schone kunsten. Aan de hand daarvan zullen jullie ingedeeld worden in kleine groepjes onder leiding van één of twee leraren. Maar ruim nu eerst even je ontbijtspullen op en haal je toverstok van boven, mocht je hem nog niet bij je hebben.
Ik kijk Mara en de twee spaanse jongens verschrikt aan. Toverstok? Ik heb helemaal geen toverstok., fluister ik tegen Mara. Hoe bedoel je?, vraagt ze me, terwijl ze me met grote ogen aanstaart: Jij komt toch ook gewoon van een tovenaarsschool af en dan heb je toch altijd je toverstok bij je? Ehm nou eigenlijk... Ondertussen rommel ik een beetje met mijn mes op mijn bord en veeg een paar kruimels bij elkaar. Eigenlijk ben ik hier gekomen .
Vertel ze dat later maar, zegt een zware stem achter me, die hoort bij de hand die op mijn schouder is komen te liggen. Ik kijk op en kijk in het vriendelijke gezicht, met de grote bos grijs haar en baard, van Heer Wayra. Loop jij even met mij mee?, vraagt dezelfde stem en de hand op mijn schouder leidt me uit mijn stoel richting grote deur. Ik weet nog net even achterom te kijken met een verwarde vragende blik richting mijn drie nieuwe vrienden, die al even verward kijken.
Ik heb wat voor je op mijn kamer liggen, wacht jij hier maar even. Vervolgens zie ik Heer Wayra een lange smalle trap opgaan. Ik sta op een balkon, en kijk uit over een grote ruimte beneden me. Het lijkt een beetje op een sporthal, en heeft ook die grootte. De vloer bestaat grotendeels uit fijn zand. Dat wordt omringt door een houten rand, hooguit 10 centimeter hoog. Daar omheen is het gewoon een tegelvloer. De wanden zijn bekleed met een aantal tapijten en twee schilderijen. Op één ervan staat een man in een rode mantel met een groot zwart zwaard in zijn handen, het andere schilderij is niet goed zichtbaar door de lichtinval van de zon door het grote raam boven me. Langs beide lange randen van de zandbak staan twee zwaar beslagen kasten, waarvan ik wed dat ze ook goed op slot zitten.
Terwijl ik nog even nadenk over de functie van de zandbak, komt Heer Wayra aangelopen met een lang dun pakket. Ik geloof dat deze van jou is zegt hij terwijl hij mij het pakket overhandigd. Ik neem het aan en voel iets bekends in mijn handen, een gevoel dat zegt dat de inhoud van dit pakket mijn eigendom is. Voorzichtig knoop ik het touw los en wikkel het papier eraf. Maar, maar hoe kan dit?, stotter ik als ik een bekende lap stof onder het papier vandaan zie komen. Snel ruk ik de rest van het papier er van af. Hoe komt u hieraan? vraag ik, en voorzichtig zet ik de inhoud overeind.
In mijn handen heb ik een lange dunne gebroken-witte doek, met een voor mij overbekende inhoud. Ik knoop de bovenkant open en laat de zak langzaam naar beneden zakken terwijl ik voorzichtig met mijn vingers over de tekens heen strijk. Chirapa Wayra Ekangi Bula, fluister ik zachtjes. In mijn handen houd ik mijn Tai Chi stok. Nu weet je ook waar mijn naam vandaan komt., glimlacht Heer Wayra.
Vol ongeloof kijk ik hem aan en duizend vragen komen in me op. Vraag maar niets, zegt hij: het zal je snel genoeg duidelijk worden. Loop nu maar gauw terug, anders kom je te laat bij Heer Toro aan.
Als ik me nog eenmaal omdraai, zie ik Heer Wayra nog wijzen dat ik rechtsaf moet. Ik loop bijna een harnas omver terwijl ik de bocht neem, en blijf door mijn uitwijk manoeuvre ook nog eens bijna met mijn voet onder het vloertapijt haken. Is mijn Tai Chi stok hier in deze tijd mijn toverstok?, schiet er door mijn hoofd heen: het moet niet veel gekker worden. En trouwens hoe is hij hier eigenlijk gekomen? Mijn hoofd kampt met nog meer van deze vragen als ik de gemeenschappelijke ruimte kom binnen rennen.
Sorry dat ik laat ben., roep ik terwijl ik me naast Martín wurm, en Mara een blik toewerp. De hele groep staat stil naast elkaar, terwijl Heer Toro voor de groep staat te spreken. Geeft niet Mark, ik vertelde net dat we nu naar het binnenplein gaan om ieders toverstokken te bekijken. En hij draait zich om en leidt de groep mee naar buiten. Daar kom ik mooi vanaf, dat moet ik op de universiteit niet proberen., hoor ik mezelf denken.
Rosalinde? Kom jij als eerste naar voren? Tuurlijk Heer Toro., kirt een zacht hoog, maar nu al vervelend, stemmetje, terwijl het hoogblonde meisje naar voren paradeert. Het enige wat je hoeft te doen is je toverstok pakken en deze een paar keer heen en weer zwaaien in deze richting. Heer Toro wijst richting een grote oude kist. Op dat vieze oude ding daar? vraagt Rosalinde. Het is alleen maar een oude houten kist met een bolle deksel aan de bovenkant. Ik ga echt niet zomaar voor de hele groep een beetje met mijn toverstok zwaaien naar een oude kist, dat ziet er niet uit. En wat gebeurt er dan eigenlijk? Dat zul je wel zien, antwoord Heer Toro met een kleine zucht. En nee, voor je het vraagt, het maakt niet uit hoe je zwaait. Doe dat wat je gevoel je ingeeft, maar zorg er wel voor dat de punt van je toverstok naar de kist toe eindigt.
Ow goed dan. Klinkt een hoog geïrriteerd stemmetje, terwijl ze haar gewaad nog even recht strijkt. Rosalinde pakt met drie vingers een haar lange dunne toverstaf. Deze lijkt nog het meest op een verfpenseel, en heeft een blanke kleur, bijna tegen het witte aan. Ik meen een opstaande pink te zien op de manier zoals ze haar toverstaf vast heeft. In ieder geval, ze tilt haar arm op, en met een kleine sierlijke polsbeweging tekent de toverstaf twee cirkels in de lucht en laat dan de punt rusten richting de kist.
Even gebeurd er niets, even zie ik de hele groep ademloos en verwachtingsvol naar de kist kijken. Totdat deze openspringt en er een witte wolk uit opstijgt.
Dankje zegt Heer Toro, nadat de witte wolk is opgetrokken. Je mag naar Mevrouw Mariëtta, de dame aan in de witte mantel, toe lopen.Enigszins ongemakkelijk loopt Rosalinde naar Mevrouw Mariëtta toe. Nagekeken door een aantal gezichtjes.
Martín?, hoor ik Heer Toro roepen: Jij bent aan de beurt. Zelfverzekerd stapt mijn spaanse vriend naar voren met een zwarte wandelstok in zijn hand. Gaat met de rug naar de kist staan, die inmiddels weer is gesloten, en kijkt naar Heer Toro. Ga je gang., antwoord deze. Martín knikt, hij houdt zijn wandelstok voor zich uit met een gestrekte linkerarm, stampt op de grond en met de gratie en bewegingen van een flamenco danser flitst zijn rechterhand naar voren, grijpt het handvat van de wandelstok en trekt deze los van de wandelstok. Ineens realiseer ik me, dat in deze wandelstok, Martíns toverstok zit. En met dat ik me dat realiseer, is hij al omgedraaid en met een grote boog van zijn rechterarm eindigt ook de punt van Martíns toverstok in de richting van de kist. Onder de kist verschijnt een groene wolk en de kist draait één maal rond zijn as.
Juffrouw Ada, ik had al zoiets verwacht., roept Heer Toro en wijst naar de heks in het groene gewaad. Vervolgens draait zijn arm en roept:
De jongen daar, met die grote staf ik ben even je naam kwijt, jij bent.
reacties
Film
12 feb - liesette
Cloaca gezien. Wat een wereldfilm. Zo’n eentje waardoor je voorbij de aftiteling blijft zitten in je stoel. Die de hele avond in je hoofd blijft zitten, blijft spoken, vragen stellen, lagen ontdekken. Over lafheid, vriendschap, keuzes maken, angst, loyaliteit, vastzitten en volgen van patronen die je ooit bent gestart maar waarvan je niet meer herinnert waar het ooit begon en al helemaal niet hoe je er ooit nog van af kan wijken.
Ik word mij weer bewust van mijn grote angst: ooit wakker worden en me afvragen wat ik in godsnaam doe in dit leven wat ik nu volg. Maar als ik nu al niet weet waar ik sta, hoe kan mij dan een beeld vormen van de toekomst?
Hoe kan je niet de fouten maken die je ouders eerder hebben gemaakt, wat is de toverformule voor geluk, ben je eerlijk genoeg om te erkennen aan jezelf dat je niet de juiste keuzes hebt gemaakt en, essentieel, dan ook sterk genoeg om te veranderen? Ik weet het allemaal niet, maar wat een boeiende film!
1 reactie
roken deel twee
11 feb - judith
Ik heb zwaar gefaald. ja lieve mensen, ik heb een peukkie gerookt... afgelopen zondag onder het genot van een lekker wijntje en heeel veel commentaar. En toch stief doorroken...En, het was heerlijk!!!!
Nee, wees niet bang: ik ben niet weer begonnen, ik heb sindsdien geen sigaret meer gerookt...
2 reacties
Tijdmachine deel IV
9 feb - mark
Ok ik ben een professioneel piekeraar, dus daar gaat mijn brein weer. Ik ben hier met een tijdmachine heen gekomen, in de hoop om op Zweinstein te landen en daar een kijkje te nemen. In plaats daarvan zit ik hier op het Kollumsoord voor nog wat. In een grote woonkamer met nog 11 andere mensen. Voor me staan 6 tovenaars, of eigenlijk 3 tovenaars en 3 heksen. En 100 jaar geleden hebben 6 tovenaars en 12 van hun leerlingen één of andere vent genaamd Loku verslagen, die de macht over de wereld wilde krijgen. Maar omdat hij een spreuk afweerde komt hij over 5 weken terug.
Zoiets was het toch? Toch?
Maar ik tel maar 11 leerlingen. Ben ik dan de twaalfde?
Lijkt me sterk aangezien ik hier met een tijdmachine ben gekomen. Een tijdmachine? Ja een tijdmachine. Hmm, misschien moet daar maar even niet over nadenken, maar me afvragen wat ik hier doe.
Betekend dit, dat ik nu met de groep mee moet doen, en op een of andere manier ervoor gaan zorgen dat een slechte tovenaar weer versteend. Terwijl die al versteend is?
En het waren toch alleen maar leerlingen die al op een tovenaarsschool zaten?
Mijn gedachtegangen worden onderbroken, doordat de man in de paarse mantel weer begint te spreken:
Ik ben Heer Wayra, mijn collega hier naast mij in het zwart is Heer Toro. Hij is al zo vriendelijk geweest om jullie, ietwat kort door de bocht te vertellen waarom jullie hier zijn.
Ja, jullie zijn hier om ons te helpen met het verlengen van de verstenigings-spreuk. En nee, jullie komen niet in dezelfde benarde situaties als jullie voorgangers een eeuw geleden. Maar ja, het blijft een riskante onderneming. Wij zijn namelijk niet de enige die weten van de mogelijkheid tot wederopstanding van Heer Loku. Zijn volgelingen weten dit namelijk ook. En de kans dat zij, over 5 weken ook hier in de buurt aanwezig zullen zijn, is groot.
Daarom hebben wij jullie hier nu al uitgenodigd. Jullie zullen de komende vijf weken, nauw met mij en mijn collegas gaan samenwerken. Jullie kennis van Magie en de Schone kunsten zal in rap tempo vergroten. Wat het programma precies is, zullen jullie nog te horen krijgen. Maar voor vanavond staat er verder niets meer op het programma. Jullie zullen naar je kamers geleid worden. Alwaar je jezelf mag opfrissen en bijkomen. Maar wees vrij om hier nog terug te keren in de gemeenschappelijke ruimte.
Vanuit een kleine deur achter ons, komt een man in het zwart aanlopen. Ik herken hem, als de persoon die ons ook naar binnen heeft gelaten. Komt u allen met mij mee?, vraagt zijn stem ons.
Nog steeds redelijk van de wereld, staat onze groep op, een enkeling grijpt nog naar een achtergelaten jas of sjaal en redelijk stoïcijns volgen we de man naar het einde van de kamer. Maar voordat ik de kamer uitloop kijk ik nog één keer om, en zie de groep tovenaars en heksen ongemakkelijk en gespannen met elkaar praten.
Ik besef me dat we eigenlijk nog niet eens voorgesteld zijn aan de andere 3 heksen en tovenaar. Maar voordat ik me daar druk over kan maken, wordt ik gemaand op te schieten en bij de groep te blijven.
We volgen de man, of eigenlijk mannetje, want hij blijkt niet veel groter te zijn dan mijn heup, door een grote gang, 3 trappen op, weer een gang door en een laatste wenteltrap op. Dames, heren, ondanks dat dit een groot kasteel is, hebben wij slechts één grote gemeenschappelijke slaapkamer voor u. Ik hoop dat u er geen moeite mee heeft. Een enkel protest klinkt, maar het grootste gedeelte van de groep vindt het allang best, of beseft eigenlijk niet wat er gezegd wordt.
De jongeman vooraan opent de deur en voor ons doemt een groot slaap vertrek op. Een grote ovale kamer, in de lengterichting ligt een groot rood tapijt, met enkele emblemen erin geweven. Aan weerszijden van het tapijt staan 6 hemelbedden, met iets van een kast ernaast.
Ik plof op het tweede bed aan de rechterkant neer en staar met gespreide armen naar boven. Als ik omhoog kijk, zie ik, dat het plafond spits toeloopt, en dat er zich recht boven mijn bed een driehoekig raam zit, waardoor ik de wolken buiten voorbij zie drijven. Als ik nog wat beter kijk, besef ik me dat er boven ieder bed zon zelfde soort raam zit.
Ik ga aan het voeteneind van mijn bed zitten en staar even de kamer rond. Iedereen heeft zijn of haar plek wel gevonden. Tegenover me zie ik 2 jongedames in gesprek zitten. Daarnaast ligt een jongen totaal voor pampus, met zijn gezicht in het kussen, op zijn bed. Links van me ligt een jongeman de brief, die we hebben gekregen, nog eens door te lezen. En rechts van me ligt een jonge vrouw op haar rug, met haar handen onder haar hoofd gevouwen naar boven te staren. Ze heeft klaarblijkelijk ook de ramen ontdekt, want ze grijnst op het moment dat er een vogel voorbij vliegt.
Ik sta op en loop naar de andere kant van de kamer. Aan het andere eind van het tapijt, recht tegenover de deur, zit een groot rond raam. Als ik ervoor sta, zie ik dat de vensterbank eigenlijk een heerlijke bank is. Ik ga zitten, nestel me tegen het linker kozijn aan en staar naar buiten. Recht voor me torent het hoofdgebouw, boven de rest van het kasteel uit. Verder biedt dit raam een mooi uitzicht over de rest van het kasteel, we zitten klaarblijkelijk in een toren. Vanuit de rest van de kamer klinkt een zacht geroezemoes.
Dat wat van buitenaf hoeken van de kasteelmuur leken, zijn echter vierkante torens, van bovenaf blijkt de kasteelmuur namelijk ovaal te zijn, i.p.v. rechthoekig of wat we ook gedacht mogen hebben.
Als ik mijn blik over de kasteel muur heen laat vallen, zie ik dat de lucht inmiddels behoorlijk donker is geworden. Ik ga wat verzitten, en als ik voorbij de grote toren kijk, zie ik de zon achter de kasteelmuur verdwijnen.
Ik sta weer op en met de laatste zonnestraal van de dag in mijn rug, sjok ik terug naar mijn bed. Ik glimlach om mijn eigen slagschaduw die zich op het tapijt vormt. En heel even flitst er een andere schaduw van rechts naar links door mijn schaduw. Ik draai me om, maar zie niets anders buiten dan alleen de grote toren en een stukje kasteel. De laatste paar meter strompel ik achteruit, totdat ik zacht achterover op mijn bed val.
Hoi, ik ben Mara, hoor ik rechts van me.
5 reacties
Zondag
8 feb - liesette
Uitslapen. In bed thee leuten en tijdens de krant met een half oog naar Buitenhof kijken. Af en toe zappen naar Ned 2, waar het WK allround wordt afgewisseld met de Davis-cup. Tot na tweeën in bed blijven ontbijten en Groenewold wereldkampioen zien worden. Kippenvel. Vervolgens in pyjama een uurtje achter de computer zitten om een rapport af te maken, met het commentaar op de 10 km op de achtergrond. Het voldane gevoel van spierpijn in je benen voelen door het vele sporten van de afgelopen dagen als je je van bed naar stoel verplaatst. Tegen vieren uitgebreid douchen, de curry van gister op eten en dan op je dooie gemak naar werk. Zulke dagen vervelen nooit....
9 reacties
Tijdmachine deel III
7 feb - mark
Iets minder dan 100 jaar geleden leefden we in een duistere tijd, waarin duistere mensen duistere dingen deden. Er leefde één man, genaamd Loku de meest duistere tovenaar die ooit over deze aarde heeft gewandeld. Wereldheerschappij, totale onderdrukking van de mensheid en het vergaren van de wereldschatten, waren zijn drijfveren.
Daarbij werd hij geholpen door een heel leger van andere tovenaars en gewone mensen. De grote zes tovenaars-scholen van die tijd stonden redelijk machteloos. Ze hadden hun leerlingen om over te waken. De macht van hun leraren was niet opgewassen tegen Heer Loku en men was gewoonweg bang.
Wel was het duidelijk dat Heer Loku verslagen diende te worden om de rust en vrede in de wereld weer te herstellen. Daarom kwamen de schoolhoofden van de zes grote tovenaars-scholen bij elkaar. Hier op deze plek. Dit kasteel stond er toen ook al en hier in deze zaal, waar jullie nu zitten werden de plannen besproken.
Ik kijk om me heen en zie inderdaad 6 schilderijen die prominent aanwezig zijn, met daarop de portretten van 3 heksen en 3 tovenaars. Ieder in een mantel met een eigen kleur. Zwart, Rood, Paars, Blauw, Groen en Wit. Ik kijk naar de man in de paarse mantel en dan naar het schilderij, en herken enige overeenkomsten in het gezicht.
Alle zes de tovenaars stonden bekend om hun grote kennis, wijsheid en toverkunsten. En ze besloten hun krachten te bundelen, hier in dit kasteel. Ze zouden vanuit hier hun strijd met Heer Loku beginnen.
Helaas hadden ze aan 6 mensen niet genoeg. Ze zouden hulp nodig hebben. Alleen de andere leraren konden hun scholen niet verlaten, zonder hun studenten onbeschermd achter te laten, en helaas was de rest van tovenaarsland onder controle van Heer Loku gevallen.
Daarom besloten zij, om ieder van hun eigen school twee leerlingen te kiezen. Deze leerlingen zouden, hier op het Kollumsoord voor Magie en Schone Kunsten opgeleid worden, tot de elite van Verweer tegen Duistere Magie en Krachten.
En zo geschiede het dat de 12 leerlingen samen met de 6 leraren nauw samenwerkten. De leerlingen les kregen in verschillende disciplines. Maar dat ook de leraren leerden van hun leerlingen.
En op 21 december, in het jaar 1549, zat de gehele groep hier in deze kamer. Klaar voor de strijd. Ze liepen deze kamer uit, de grote trap naar beneden, over de slotgracht. Om hier voor het kasteel Heer Loku te treffen. Zijn macht was inmiddels gestegen tot grote hoogte. En zijn enige bedreiging was alleen deze groep machtige tovenaars en hun leerlingen, inmiddels verheven tot collegas.
Toverstokken werden gereed gehouden, bezems werden tevoorschijn gehaald, mantels werden goed getrokken en daar stonden ze. Tegenover elkaar. Heer Loku met 8 van zijn grootste vertrouwelingen en de 18 bewoners van het Kollumsoord.
Een hevige strijd volgde waarin aan beide kanten mensen gewond raakte. Zo hevig was deze strijd dat ik er jullie helaas niets over kan vertellen. Alleen de manier waarop hij eindigde.
Namelijk dat Heer Loku uiteindelijk aangevallen door 2 leraren en 3 leerlingen in het nauw werd gedreven. Heer Loku in totale woede 2 leerlingen raakte met een verlammings-spreuk. De derde leerling de lucht in blies en hiermee één van de tovenaars meenam.
En daar stonden ze tegenover elkaar, Heer Loku en Heer Bula. Even stond de tijd stil, het leek een eeuwigheid te duren. Ze keken elkaar recht in de ogen aan, hun handen zo strak om hun toverstaf heen dat hun knokkels wit kleurden. En binnen een fractie van een seconde, zwaaide Heer Bula zijn toverstok rond, prevelde enkele woorden en schoot een Verstenigings-spreuk af. Heer Loku, verrast door deze relatief, eenvoudige spreuk, geschrokken door de aparte helblauwe straal, wist alleen nog zijn toverstaf op te houden in de hoop de spreuk af te weren.
Maar helaas voor hem was het te laat, hij zou nooit meer uit deze positie komen. Op 21 december, de kortste dag werd Heer Loku verslagen.
Ik kijk nog eens om me heen en zie een aantal openstaande monden, wijd openstaande ogen en mensen die helemaal achter in hun stoel of bank zijn gekropen. Er heerst duidelijk een sfeer van spanning en onrust in de groep. Toeval bestaat niet, hoor ik mezelf denken: maar ook wij zitten hier met twaalf mensen op de bank.
Maar waarom zijn wij nu hier?, vraag ik. De man in de zwarte mantel doet een stap naar voren, kijkt eerst mij streng aan, werpt dan een blik door de groep, en opent zijn mond:
Doordat Heer Loku op het laatste moment zijn staf hief, met de intentie de spreuk af te weren, is de spreuk niet volledig aangekomen. Eens in de 100 jaar, in de langste nacht van dat jaar, verzwakt de spreuk. En hierdoor krijgt Heer Loku de mogelijkheid om uit zijn spreuk vrij te komen.
Het is vandaag 16 november, over exact 5 weken is die dag. Daarom zijn jullie hier.
De deur van het vertrek opent, en er komen 4 mensen binnen. Voor ons staan 3 mannen gehuld in een paarse, zwarte en een rode mantel. En zij worden vergezeld door 3 dames gehuld in het blauw, groen en wit.
5 reacties
Tijdmachine
5 feb - mark
Welkom op Kollumsoord voor Magie en Schone Kunsten
Leuk dat jullie er eindelijk zijn.
In dit oord zijn, is één van de grote gunsten;
Voor tovenaars, groot en klein!
Jullie zullen toverkrachten zien en magie gebruiken;
In deze plaats, deze gekke plek.
Maar uiteindelijk moet een tovenaar zichzelf bedruipen
En vinden in deze wereld een eigen stek!
Dreauzels, feeën, tovenaars en trollen;
Willen allen weten wat er speelt.
Er staat heel veel in geheime rollen;
Zo veel dat je je niet verveelt.
Dit is het eind van deze welkomsuil;
Wees welkom en vermaak je best.
Straks komen 2 tovenaars jullie zetten in je eigen zuil;
En geef deze brief ook aan de rest.
Nou daar sta ik dan. Op iets dat Kollumsoord voor Magie en Schone Kunsten heet, met bovenstaande brief in mijn handen.
Vandaag begon zo mooi. Rustig opgestaan, terwijl de radio wat Miles Davis klanken liet horen. Ondertussen zette ik wat theewater op, smeerde een boterhammetje en liep richting pc om een dagelijks internet rondje te maken.
Op dat moment klonk er een hoop kabaal van buiten, viel de stroom op mijn kamer uit, hoorde ik mensen gillen en toen opeens was het stil. Alleen een stem van een jongedame die me roept.
Ik trek nog gauw een t-shirt aan, want alleen een broek leek me wel erg koud, ik spring in een paar schoenen en loop naar beneden. De jongedame legt me uit dat dit een tijdmachine is en dat ik ben gekozen tot de volgende tijdreiziger. Helaas heeft de tijdmachine alleen een aantal keuze menus, maar ik mag, als ik terug ben van mijn reis, wel een menu toevoegen. Tot zover is het me nog duidelijk.
Dan legt ze uit dat zij nu weer terug naar huis gaat, want de tijdmachine kan maar 1 persoon vervoeren, maar dat ze de machine meteen weer terug stuurt. Ze opent de deur van de tijdmachine, sluit hem, en meteen opent de deur weer, alleen is er niemand meer in aanwezig.
Tijd blijft een raar begrip,denk ik nog: Maar goed, dit is weer eens wat anders dan een college, dus... Vol goede moet stap ik in en bekijk de tijdmachine. Het is een beetje krap, uiteraard moet ik bukken om mijn hoofd niet te stoten, en er staat een stoel voor iets dat op een controle-paneel lijkt. Ik ga zitten en probeer uit te vinden hoe alles werkt. Hmm, 1 start knop, 1 knop met de tekst Terug naar huis en een rijtje knoppen met nummers. Met de tekst er boven Druk op:
1) De planeet Mars
2) De Middeleeuwen
3) Het jaar 3004
4) Een weekje geleden
5) Het Sprookjesbos
6) Zweinstein Hogeschool voor Hekserij en Hocus Pocus
7) Het Paradijs
8) De Ijstijd
9) De Ming Dynastie
Een moeilijke keuze. De Ming Dynastie lijkt me heel erg interessant. Alhoewel het Sprookjesbos me ook wel grappig lijkt. En eigenlijk wil ik ook nog wel graag een echte Mammoet uit de ijstijd zien. Maar ik wordt niet voor niets de Zwever genoemd, dus waar anders heen dan Zweinstein. In de hoop dat ik daar echt leer zweven danwel vliegen.
Klik, rommel, schud en flits!
En zo gebeurde het dus dat ik nu hier sta. Op Kollumsoord voor Magie en Schone Kunsten. Ik sta tussen een groep kinderen die allemaal eenzelfde brief hebben gekregen als ik. Ik heb nog even geen idee, wat ik hier doe, of hoe ik hier ben gekomen i.p.v. Zweinstein, maar ik hou jullie op de hoogte.
7 reacties
Sollicitatie II
5 feb - rogier
24 uur later, zelfde ritueel.
vroeg naar bed, zenuwachtig.
's morgens niks doen. Drie uur van tevoren nette kleren aan. Twee uur van tevoren klaarstaan.
Therapeutisch Rummikub bij de koffie.
En weg is ze weer, veel te vroeg, naar de volgende sollicitatie.
update niet aangenomen :( ... niet commercieël genoeg.
4 reacties
gewoontes
5 feb - judith
Afgelopen zondag heb ik een knopje omgezet in mijn hoofd. sindsdien heb ik niet meer gerookt. Dat mijn ouders na 35 jaar gerookt te hebben nu stoppen, helpt wel mee hoor. Ik was afgelopen weekend op bezoek bij mijn ouders: zij stoppen, zusje gestopt en haar vriend ook... Ik kreeg dezelfde gedachte als Liesette... dadelijk blijf ik alleen over; eenzaam rokend. Ik weet niet of ik het voor altijd volhoud. (paar biertjes in de kroeg met Liesette wordt heel gevaarlijk....).
Maar voor nu is het helemaal niet heel erg moeilijk. Natuurlijk heb ik mijn 'momenten'... Die kop koffie s 'ochtends .. (daar hoorde nu eenmaal een peukkie bij..)
Nu, na een dag of vier begin ik wel verbetering te voelen: ik heb meer lucht, mijn kleren stinken niet meer, mijn huis stinkt niet meer, ik voel me rustiger, actiever en fitter. Toch; het monstertje blijft roepen.... zo af en toe...
4 reacties
Weg
5 feb - liesette
Nog een blok, nog drie vakken, een aantal tentamens en dan is definitief het einde inzicht. Het einde van mijn studentenleven. Ach, er zijn nog duizend manieren om dat nog even te rekken. Ik moet tenslotte eerst nog op stage en een scriptie schrijven. Maar de planning is toch dat ik over een klein jaar dat papiertje in handen heb. Tja, en dan? Verder studeren, werken of reizen; dat zijn de opties. Studeren heb ik voorlopig wel genoeg gedaan. Een wereldreis staat hoog op mijn lijstje, maar money Dus dat wordt werken. Maar niet voordat ik wel een klein beetje heb gereisd. De planning is om voor mijn stage een maand te gaan backpacken door Zuid-Europa, dan afstuderen en dan een paar jaar werken om te sparen voor een wereldreis. Mooi vooruitzicht. Maar nu heb ik de mogelijkheid om drie weken naar Zuid-Afrika te gaan. Super natuurlijk, maar er zitten een aantal haken en ogen aan. Ten eerste gaat mijn familie mee. Dat wil zeggen, mijn ouders, mijn oom&tante en nicht&neef. Mijn neefje loopt daar namelijk stage en iedereen ziet het als een uitgelezen kans voor een mooie vakantie. Ik heb al meteen gezegd dat ik het niet trek om drie weken met zn allen te reizen. Dus één variant is om een week gezamenlijk te reizen en vervolgens samen met mijn nicht verder te trekken. Volgende maar; zie ik het wel zitten om met haar twee weken te trekken? En zo kan ik nog wel even doorgaan. Kortom ik weet het niet. Maar het is wel een heerlijk luxeprobleem!!
reacties
sollicitatie
4 feb - rogier
En daar gaat ze. Op de fiets voor een sollicitatie bij een Groot Bedrijf. Eigenlijk wilde ze al twee uur van tevoren weg. Voor een halfuur fietsen. "Maar ik weet de weg niet precies"
Therapeutisch Rummikub gespeeld bij de koffie.
Eén uur en een kwartier vantevoren moest ze weg. Binnen vijf minuten nog twee keer teruggekomen. Kaartje vergeten.
Ze is vast niet te laat, zoals de vorige keer.
update:Helaas, net aangenomen. A. is "te intelligent" voor deze functie :)
3 reacties
Vertrekken, Verlaten en Verliezen
3 feb - mark
Het jaar begint weer goed. Eerst vertrok een goede vriendin richting Zweden, om daar te gaan wonen. Vervolgens werd er een punt gezet achter mijn relatie. En op dit moment fietst collega en goede vriend D. naar huis toe, om vervolgens het vliegtuig te pakken richting Spanje voor 7 maanden stage.
Zijn er nog mensen die blijven???
5 reacties
UB
2 feb - liesette
De bevestiging komt als je cijfercode nog staat in je vaste kluisje. Als de bewakers knikken als blijk van herkenning. Als je dag in dag uit naar dezelfde mensen kijkt, die net als jouw over Productie en Service Management gebogen zitten. Als je de smaak van de koffie niet meer uit je mond te verdrijven valt. Als je het uitzicht in detail kan oproepen. De bevestiging dat ik hier teveel tijd heb doorgebracht. Kortom, ik ben zo ontzettend klaar met de Universiteits Bieb!
4 reacties
Unplugged
2 feb - mark
Ze zonden hem weer uit. MTV zoals MTV behoort te zijn. Eens was, maar helaas nooit meer zal zijn.
Krist Novoselic die met open mond op zijn barkruk heen en weer wiegt, terwijl hij zijn accoustische bas bespeeld. Een nog erg jonge Dave Grohl die zin best doet om maar vooral niet te hard op zijn drumstel te slaan.
En dan de legendarische frontman Kurt Cobain. Ronddraaiend op zijn bureaustoel in een oud afgetrapt wollen vest. Volledig aan de grond, depressief en met de welbekende wallen onder zijn ogen.
De set eindigend met de geweldige combinatie van 'All Apologies' en daarna "Where did you sleep last night'.
MTV Unplugged, Nirvana. Ik heb weer genoten.
reacties
Drank maakt meer lief dan je kapot kan maken
1 feb - liesette
Als je bijna 25 jaar bent, zou je toch verwachten dat de dagen van buitensporig drankgebruik achter je liggen. Dat je inmiddels wijs genoeg bent dat je weet dat je niet met de grote jongens mee moet drinken. Ergens wist ik het ook wel, de laatste keer dat ik echt niets meer kan herinneren van een avond was na 8 halve liters bier in Solden. Het enige dat ik mij daar van kan herinneren is dat mijn toenmalige geliefde in zijn blote kont over het het balkon stond te kotsen. Wat een mooie afdruk achter liet in de sneeuw..
Anyway, dat is alweer een tijdje geleden dus misschien werd het ook weer tijd om mijn geheugen op te frissen. Maar omdat met een fles rode wijn te doen en vervolgens een halve fles wiskey (per persoon!) was misschien wat minder verstandig. Vooral midden in de tentamenperiode. Resultaat: verbazing en ook wel balen dat ik niet de bewuste avond over mijn nek ben gedaan (dat gebeurde heel vreemd, vanochtend), opstaan; nog steeds dubbel zien en met 3 asprines maar weer naar bed gaan. Om 1500 uur er toch maar eens uit gaan, jezelf verslepen naar de bank en tot in de avond dom zappen langs tell-sell programma's.
En dan nu studie stress voor het tentamen komende dinsdag, terwijl ik ondertussen mijn hersenen pijnig om wat herinnering terug te krijgen van die bewuste avond. Zou hij er nog iets van kunnen herinneren?
3 reacties
Ontroerd
1 feb - mark
Opeens gebeurde het. Mijn ogen knipperden een keertje en heel langzaam droop er uit mijn linker ooghoek een traan naar beneden.
Ik had weer eens een avondje gewerkt. Weinig bijzonder en met m'n hoofd nog steeds niet heel erg bij mijn werk. De avond was rustig verlopen en nadat mijn klanten het gebouw hadden verlaten, liep ik naar het cd-rek, op zoek naar een mooi stukje muziek om de avond mee af te sluiten. Mijn blik viel op een cd die ik nog niet eerder had gezien. Op de achterkant stonden namen als Ella Fitzgerald, Duke Ellington en Dave Brubeck.
"Jazz om de avond mee af te sluiten. Prachtig.", dacht ik. Terwijl ik de tap schoonmaakte zong Ella op de achtergrond over '(very special) People'. Liet Dave Burbeck zijn piano spreken, terwijl ik de kassa opmaakte. En toen ik nog een laatste ronde door het café maakte, gebeurde het.
Een nummer begon met een aantal strijkers die meteen gevolgd werden door een piano. Deze maakten samen een opening voor tenor sax. En deze begon te spelen. Ik leunde even tegen de bar aan om rustig te kunnen luisteren. En ik werd meegenomen. Meegenomen op de klanken van de saxofoon. En op dat moment werd ik geraakt, iets wat zelden gebeurt. Ontroerd door de muziek. Ik heb de traan niet tegen gehouden. Ik heb alleen maar genoten van de muziek.
Stan Getz met 'We are free', ik wil het u graag laten horen, maar ik heb geen idee hoe ik een download-linkje krijg.
4 reacties
Vroeger
oktober 2006
september 2006
augustus 2006
juli 2006
november 2005
oktober 2005
september 2005
augustus 2005
juli 2005
juni 2005
mei 2005
april 2005
maart 2005
januari 2005
december 2004
november 2004
oktober 2004
september 2004
augustus 2004
juli 2004
juni 2004
mei 2004
april 2004
maart 2004
februari 2004
januari 2004
december 2003
november 2003
oktober 2003
september 2003
augustus 2003
juli 2003
juni 2003
mei 2003
april 2003
maart 2003
februari 2003
? 0
page2
Er ligt weer iemand in mijn bedje naast mij te slapen. Dat is raar....
liesette | 4 reacties
![]()
Rare dag. De hele ochtend door de stad gedwaald. Nat geregend. Veel nutteloze dingen gekocht. Sigaretjes gerookt. Muziek geluisterd. Mensen gekeken. Winkel in en uit gelopen. En heel veel gepeinsd. Best lekker om in je eigen stad te verdwalen.
liesette | 4 reacties
![]()
En weer een demonstratie waar ik volledig achter sta. Als er mensen zijn die mee willen. Ik ga mijn OV naar alle waarschijnlijkheid weer misbruiken maandagochtend, dus....
mark | 1 reactie
![]()
Hartstikke tof dat MacOS X nu ook een nederlandse spellingcontrole heeft. Echt handig! Maar hadden ze er niet eentje van ná de jaren tachtig kunnen inkopen?
rogier | 1 reactie
![]()
Prachtig. Verder zeg ik er even niets over, maar ik vind het prachtig.
mark | 1 reactie
![]()
Jawel! Verblijdt U allen en download den nieuwen Pivot!
rogier | reacties
![]()
Laat je je pc aanstaan, vergeet je MSN af te sluiten. Kom je thuis, 3 open vensters van mensen die je 'hoi' hebben gezegd, en die nu waarschijnlijk boos op je zijn, omdat je niet hebt gereageerd. Sorry daarvoor...
mark | 2 reacties
![]()